Personal tools

Nieuwsbrief Nr. 46 - 16 april 2008

From Wij vertrouwen stemcomputers niet

Internetstemmen

Keuring internetstemmen al in 2006 op de agenda!

Zoals we in de vorige nieuwsbrieven gemeld hebben, leek het ons nuttig eens wat onderzoek te doen naar de besluitvorming rond internetstemmen. Hiervoor dienden we een aantal Wob-verzoeken in bij o.a. het ministerie van BZK en de Kiesraad. Na enig aandringen en dreigen met juridische malheur kregen we eindelijk besluiten en documenten.

In de buit van de Kiesraad troffen we een aantal stukken aan die de lezer wellicht zullen interesseren. Het gaat om brieven tussen BZK en de Kiesraad van 2 mei 2006 en 20 juni 2006. Uit deze brieven blijkt dat het ministerie de Kiesraad heeft gevraagd om de 'stemdienst' die voor het internetstemmen gebruikt zou gaan worden te keuren:

Geef, als onafhankelijke partij, voorafgaand aan de stemming een oordeel over de betrouwbaarheid van de stemdienst welke BZK voornemens is in te zetten. Geef aanbevelingen voor de punten waar de betrouwbaarheid kan worden verbeterd.

De Kiesraad geeft vervolgens aan, aan dit verzoek te willen voldoen:

Hij heeft dan ook besloten onder bepaalde voorwaarden mee te willen werken aan een controle van de stemdienst die bij het internetstemmen wordt gebruikt. De voorwaarden betreffen enerzijds een nadere concretisering van het verzoek van de kant van het Project kiezen op afstand, anderzijds omstandigheden waaraan moet zijn voldaan wil er in de ogen van de Kiesraad sprake kunnen zijn van een zinvolle controle.

Verderop in de brief staat ook hoe er volgens de Kiesraad gekeurd zou moeten worden:

De Kiesraad is van oordeel dat niet alleen de betrouwbaarheid, maar ook andere aspecten van de stemdienst in de controle zouden moeten worden betrokken. Het betreft dan onder ander de gebruiksvriendelijkheid van de stemmachine voor de kiezer en andere kieswettelijke aspecten. In een bijlage bij deze brief is een lijst opgenomen met criteria aan de hand waarvan de controle naar het oordeel van de Kiesraad zou moeten worden verricht. De lijst is door de Kiesraad opgesteld naar analogie van de wettelijke criteria die bij de goedkeuring van stemmachines worden gehanteerd…

Uit verstrekte emails die de Kiesraad gewisseld heeft met Robert Krimmer (een Oostenrijkse deskundige op het gebied van e-voting) is af te leiden dat het ministerie ingestemd heeft met de door de Kiesraad voorgesteld wijze van keuring.

Oplettende lezers vragen zich nu natuurlijk af wat er precies van deze keuring terecht is gekomen. In geen van de Wob-besluiten wordt melding gemaakt van testrapporten of andere daarmee samenhangende documenten. Na zorgvuldige lezing menen wij het raadsel te hebben opgelost. Uit een van de emails tussen Hanneke Schipper en Robert Krimmer valt af te leiden dat de keuring niet is doorgegaan omdat het kabinet viel en de verkiezingen vervroegd werden.

Dit doet een klein alarmbelletje rinkelen. BZK meende dus eerst dat het wenselijk zou zijn om de internetstemdienst aan diverse keuringen te onderwerpen, maar zag hiervan af omdat de verkiezingen eerder gehouden moesten worden. Bij deze verkiezingen is dus willens en wetens gebruik gemaakt van een stemdienst die veel minder grondig getest was dan men vooraf van plan was. Zoiets vertel je natuurlijk liever aan niemand, dat schept maar onrust. Het is maar goed dat het goed is afgelopen dan.

Dat werpt dan ook gelijk een nieuw en ander licht op de beweringen van de staatssecretaris dat zij het hele dossier verkiezingen steeds voortvarend ter hand genomen heeft. Als het ministerie immers al in mei 2006 meende dat de stemdienst gekeurd zou moeten worden, waarom moest de Tweede Kamer de staatssecretaris dan anderhalf jaar later, in december 2007, via de motie Kalma keihard dwingen om dit als vereiste op te nemen? Had men soms gemerkt dat internetstemmen zonder keuring eigenlijk wel zo makkelijk was?

En dan laat de staatssecretaris vervolgens in januari 2008 ijskoud weten dat ze - vooral ook vanwege de door de Kamer opgelegde keuring - afzag van het inzetten van internetstemmen voor kiezers in het buitenland bij de EP-verkiezingen in mei 2009. Dat is, als je deze documenten gelezen hebt, niet anders dan hypocriet te noemen.

Internetstemmen is vanwege grote inherente veiligheidsproblemen en gebrekkige controlemogelijkheden een uitermate slecht idee, en dus zijn we er beslist niet rouwig om dat het zo gelopen is. Wel toont het voor de zoveelste keer aan dat het in het verkiezingsdossier de moeite loont om werkelijk alle tegels te lichten.

Brief V&W over waterschapsverkiezingen

De staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat, mevrouw Huizinga, stuurde een brief naar de Tweede Kamer over de waterschapsverkiezingen van november 2008. Zoals de lezers van de nieuwsbrief weten hebben deze verkiezingen onze interesse omdat men landelijk gebruik wil gaan maken van internetstemmen met het door het waterschap Rijnland ontwikkelde Rijnland Internet Election System (RIES).

In de brief geeft Huizinga aan te gaan voldoen aan het verzoek van de Kamer om een een goedkeuringsprocedure voor de internetstemvoorziening op te stellen. De ministeriële regeling zal worden ingericht aan de hand van vier uitgangspunten: maximale transparantie, gebruik maken van alle reeds beschikbare relevante informatie over het systeem, toetsen aan wettelijke criteria (en aan aanbevelingen van de Raad van Europa) en een oordeel over toelaatbaarheid op basis van onafhankelijk deskundigenadvies.

In dit kader is het vreemd dat de broncode van RIES niet (zoals beloofd) zes maanden maar slechts vier en een halve maand voor de verkiezingen op internet komt. Zes maanden was al te krap, maar dit is werkelijk te weinig tijd om de broncode nog werkelijk te analyseren voor de verkiezingen. Het maakt publicatie eigenlijk zinloos, tenzij het doel natuurlijk niet zozeer transparantie alswel het afwenden van kritiek is. Waarom kan de broncode niet al lang online zijn? Even eerder schrijft ze namelijk uitgebreid dat het mooie aan RIES is dat het al klaar is:

Ten tweede is het relevant dat de waterschappen al beschikken over een internetstemvoorziening, het Rijnland Internet Election System (RIES). Deze voorziening is door de waterschappen zelf ontwikkeld ten behoeve van de verkiezingen in 2004 bij twee waterschappen. Het feit dat de voorziening al beschikbaar is, maakt het internetstemmen in november 2008 haalbaar. In het theoretische geval dat de waterschappen een andere voorziening zouden willen gebruiken, zouden zij een Europese aanbestedingsprocedure moeten doorlopen. Dat is op deze termijn niet meer uitvoerbaar. Dit heeft tot consequentie dat indien RIES niet blijkt te voldoen aan de eisen in de amvb en de ministeriële regeling, internetstemmen in 2008 niet aan de orde is.

Wat betreft het gebruik maken van alle reeds beschikbare relevante informatie over het systeem: Alle rapporten die er al zijn kunnen mooi opnieuw worden gebruikt:

De waterschappen zullen de relevante informatie uit die eerdere en nog lopende onderzoeken beschikbaar stellen aan de door mij aan te wijzen organisatie. De door deze organisatie ingezette deskundigen krijgen ook toegang tot het systeem, en zullen zij in de gelegenheid worden gesteld het ketenonderzoek dat de waterschappen in juni 2008 laten uitvoeren, te monitoren.

"Toetsen aan wettelijke criteria, en aan aanbevelingen van de Raad van Europa", dat klinkt heel mooi maar is een wassen neus. Deze "Legal, operational and technical standards for e-voting" van de Raad van Europa zijn namelijk zo vaag en makkelijk dat eigenlijk alles mag, inclusief black-box voting à-la Nedap of Sdu. We gaan dus vrolijk toetsen aan een document waarvan we net door schade en schande hebben geleerd dat het op belangrijke punten dramatisch tekort schiet. Dat was dan weliswaar op een ander ministerie, maar je zou toch mogen hopen dat van hoofdpijn van deze orde ook interdepartementaal iets doorsijpelt.

Wat betreft het oordeel over 'toelaatbaarheid' op basis van onafhankelijk deskundigenadvies zegt de staatssecretaris:

Ik zal in de ministeriële regeling een onafhankelijke organisatie aanwijzen die mij adviseert over de betrouwbaarheid en veiligheid van de beoogde internetstemvoorziening voor toepassing bij de waterschapsverkiezingen in 2008. Dit advies zal gebaseerd zijn op het oordeel over de door de waterschappen aan te leveren informatie waarmee zij aantonen aan de wettelijke eisen te voldoen, en op de toetsing aan de aanbevelingen van de Raad van Europa. Indien de deskundigen daarnaast nog zaken opmerken die zij relevant achten voor mijn oordeel, zullen zij die ook betrekken in hun advies. Ik zal een organisatie aanwijzen die deskundig is op het terrein van beveiliging van elektronisch dataverkeer, en die in de afgelopen jaren niet in opdracht van de waterschappen bij RIES betrokken is geweest. Op grond van het advies zal ik een besluit nemen over de toelaatbaarheid van het gebruik van de internetstemvoorziening.

Het klinkt allemaal heel mooi, maar aangezien de tijd krap is en er nu geen ander systeem is dan RIES betekent een negatieve uitkomst automatisch het einde van het internetstemmen. En dat kan natuurlijk na alle dappere investeringen van de waterschappen niet de bedoeling zijn.

De staatssecretaris noemt in haar brief allerlei termijnen, en we houden alles natuurlijk goed in de gaten.

Het is mijn voornemen de ministeriële regeling zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk 1 mei 2008 vast te stellen teneinde de waterschappen voldoende tijd te geven zich voor te bereiden op de eis om vóór 1 juli 2008 de gevraagde informatie te overleggen. Mijn besluit over de toelaatbaarheid van het gebruik van de internetstemvoorziening zal ik uiterlijk 1 september 2008 bekend maken.


Software voor uitslagen

Staatssecretaris Bijleveld stuurde intussen de nieuwe eisen voor uitslagberekeningssoftware naar de Tweede Kamer. Deze eisen zijn tot stand gekomen na consultatie van de Kiesraad en de ingestelde expertgroep, onder leiding van prof. Bart Jacobs. De Kiesraad is volgens de brief in overleg met de centrale stembureaus om, in overeenstemming met deze eisen, de software te gaan ontwikkelen. Wat betreft de nieuwe wijze van stemmen (de nieuwe stemcomputers dus) kondigt de staatssecretaris in dezelfde brief nog snel aan in de loop van mei nader te berichten.

De nieuwe eisen zelf geven onder meer aan dat de software Open Source wordt en dat gebruik gemaakt wordt van open standaarden. Verder een combinatie van zinnige zaken ("Het ontwerp van de programmatuur voldoet aan geaccepteerde kwaliteitseisen c.q. best practices voor de ontwikkeling van programmatuur"), open deuren ("De programmatuur bevat de functionaliteiten die [...] nodig zijn voor de berekening van de uitslag") en een belangrijke eis die wellicht meer als bezwering bedoeld is ("Het is mogelijk de authenticiteit van de programmatuur vast te stellen"). Juist het feit dat dat eigenlijk helemaal niet kan is immers de reden dat we gekozen hebben voor verkiezingen waarbij de stem in ieder geval hoe dan ook op papier belandt. Ook verwijzen deze eisen alweer naar de aanbevelingen van de Raad van Europa, een droevig compromis-document waarvan alles mag (zie het stuk hierboven over internetstemmen bij de waterschappen).

De staatssecretaris geeft ook aan dat de uitslagen van verkiezingen tot op het niveau van afzonderlijke stembureaus zal worden gepubliceerd. Dit is een hele belangrijke stap op weg naar controleerbare verkiezingsuitslagen omdat daarmee feitelijk iedereen achteraf de uitslag kan narekenen. Als ook het onderliggende papierwerk (de PVs van de stembureaus bijvoorbeeld) gescand en openbaar worden is transparantie van het verkiezingsproces pas echt een feit. We kunnen ons na al het broddelwerk en closed-source gerommel in het huidige computertijdperk geen betere toepassing van ICT voorstellen.

Al met al is het goed dat er over de software in het verkiezingsproces wordt nagedacht en is het verheugend dat men na al die jaren closed-source software van Groenendaal de zaken nu voortvarend lijkt te gaan oppakken. Jammer dat men niet met dezelfde voortvarendheid aan de slag is gegaan om de gemeenten op verkiezingen met stembiljetten voor te bereiden. Want ook deze software kan een uitslag natuurlijk nooit mooier maken dan de getalletjes die er in gestopt worden, en als het kabinet nu valt zijn we nog steeds met z'n allen de sigaar.


Nedap

Opzouten! (En hoezo schade?)

We ontvingen van het ministerie van BZK twee zogenaamde 'beslissingen op bezwaar' in zaken die door Nedap waren aangespannen. In een bestuursrechtprocedure is dat het moment dat de overheid nog eens goed over het bezwaar heeft nagedacht en een tweede beslissing neemt. Na een beslissing op bezwaar kan een klager die het er niet mee eens is alleen nog naar de bestuursrechter. In de door ons aangespannen (en gewonnen) zaak tegen de Nedap-goedkeuringen zijn we na de beslissing op bezwaar naar de rechter gestapt.

De eerste van de nieuwe beslissingen op bezwaar betreft de zaak die Nedap heeft aangespannen tegen het intrekken van de Regeling en van alle onder de Regeling afgegeven stemcomputer-goedkeuringen. In deze zaak hebben ze tegelijk met het indienen van het bezwaar ook een voorlopige voorziening gevraagd bij de rechter in Zutphen waar het Nedap-hoofdkantoor in Groenlo onder ressorteert. Dit is ook de zaak waarin Nedap en-passant een schadeclaim van ergens tussen de 8 en de 15 miljoen heeft neergelegd.

Het ministerie handhaaft in de beslissing op bezwaar het besluit: de Regeling blijft ingetrokken en alle afgegeven goedkeuringen ook. In een bijlage wordt ook van de schadeclaim van Nedap op zeer vermakelijke wijze gehakt gemaakt.

Even herkeuren

De tweede beslissing op bezwaar is zo mogelijk nog interessanter. Het betreft hier een beslissing op bezwaar in een procedure waar we nog niet van op de hoogte waren. We vonden het destijds mooi voortvarend van BZK dat ze de Regeling al op 17 oktober 2007 introkken, nog geen drie weken na de aankondiging van de staatssecretaris dat ze dat ging doen. Naar nu blijkt heeft Nedap een week eerder, op 10 oktober 2007, BZK met een stalen gezicht verzocht om de ES3B en de ESN-1 stemcomputers even opnieuw goed te keuren op basis van de Regeling. Dit nadat de rechter in het vonnis op 1 oktober het eerdere goedkeuringsbesluit had vernietigd.

Vanzelfsprekend hebben wij als derde-belanghebbende het ministerie verzocht om ons de ontbrekende stukken op te sturen en zullen we ook de eventuele verdere stappen in deze procedure goed gaan volgen. En nu maar hopen dat ze naar de rechter gaan...

Verenigde Staten

Hart Intercivic koopt Sequoia?

Alweer een overnamestrijd in stemcomputerland: Hart Intercivic heeft een vijandig bod gedaan op Sequoia. Sequoia, reeds geplaagd door onafhankelijke onderzoekers en een consciëntieuze rechter in New Jersey (zie onder), komt 2 miljoen dollar te kort om het vijandige overnamebod te blokkeren. Met een marktaandeel van 20% en 8% in de Verenigde Staten staan Sequoia en Hart op de derde en vierde plaats van de stemcomputer top 5. Na een geslaagde fusie zouden ze echter met 28% marktaandeel direct op de tweede plaats belanden. San Fransisco en New York hebben destijds niet voor Hart maar voor Sequoia gekozen en hebben op dit moment voor respectievelijk 10 en 100 miljoen dollar contracten met Seqouia.

De twee voormalige stemcomputerkemphanen hebben nog wat anders gemeen dan hun doelgroep. Beide ondernemingen staan op dit moment onder vuur door toedoen van onveilige, slecht functionerende stemcomputers en het beduvelen van de overheid. Hart Intercivic heeft een federaal fraude-onderzoek aan zijn broek sinds een klokkenluider uit de school klapte over hoe Hart jarenlang systematisch staatsambtenaren en federale ambtenaren misleid heeft. Het Ministerie van Justitie (DoJ) heeft, opmerkelijk genoeg, geweigerd zich bij de aanklagers aan te sluiten. De stemcomputers van Seqouia bleken in de praktijk, niet alleen bij de presidentiële verkiezingen van 2004 maar ook bij de voorverkiezingen van 2008 in New Jersey, ernstige gebreken te vertonen.

New Jersey: hier klopt iets niet

Union County in de staat New Jersey heeft na de recente primary verkiezingen het plan opgevat om de AVC Advantage stemcomputers van fabrikant Sequoia die fouten maakten, te laten onderzoeken door experts van Princeton University. De fabrikant, Sequoia, probeert uit alle macht te verhinderen dat de onafhankelijke onderzoekers, Andrew Appel en Edward Felten, de haperende computers in handen krijgen.

Sequoia zette Union County en de onderzoekers onder druk door beide partijen te dreigen met gerechtelijke stappen omdat een onafhankelijke analyse inbreuk zou maken op de licentieovereenkomst tussen Sequoia en klant Union County. De software van de Sequoia stemcomputers zou bovendien bedrijfsgeheim zijn en niet aan derden ter beschikking gesteld mogen worden. Daarop besloot Union County in eerste instantie toch maar van het onderzoek af te zien.

Critici dachten daar anders over en stapten zelf naar de rechter om te eisen dat de gewraakte stemcomputers onderzocht zouden worden. Dit was immers de enige manier om aan te tonen dat de machines onbetrouwbaar waren. Penny Venetis, hoogleraar rechten aan Rutgers University, stelde:

We shouldn't have a corporation dictating how elections are run in the state. If an elected official believes there was an anomaly and the matter has to be investigated, then the official should be able to consult with computer experts without interference.

De rechter bleek gelukkig niet onder de indruk van het advocatenarsenaal van Sequioa en oordeelde begin april dat de stembureaus de stemcomputers uiterlijk 15 april zouden moeten afstaan aan de onderzoekers van Princeton University.

Opmerkelijk is dat procureur-generaal Anne Milgram van de federale rechtbank in New Jersey ondanks aandringen van de kiesdistricten en verontruste burgers geweigerd heeft om de zaak te laten onderzoeken. De procureur-generaal was dus niet bereid om federale wetgeving te handhaven. Maar nadat de rechter bepaald had dat de stemcomputers moesten worden vrijgegeven voor onderzoek (zie boven) greep de Staatssecretaris van New Jersey in. Helaas pakte zijn ingreep net iets anders uit dan vrouwe Justitia van onder haar blinddoek had beoogd. De Staatssecretaris nam met een vloek en een zucht de portefeuille verkiezingen over van Milgram om niet veel later in een persbericht zijn steun en trouw te betuigen aan... fabrikant Sequoia.

Deze Staatssecretaris-verkiezingencontroleur bagatelliseert in zijn persbericht zowel de rechterlijke uitspraak als de bezorgde kiesdistricten en kiezers. Ook de onderzoekers van Princeton kregen nog een veeg uit de pan. De heren zouden wat overhaast geoordeeld hebben en er helemaal naast zitten met hun bevindingen. Geen vuiltje aan de lucht dus. We blijven bijzonder benieuwd wat er bij de ontleding van deze stemcomputers door de onderzoekers van Princeton University aan het licht zal komen. Als zij de machines tenminste daadwerkelijk ooit in handen krijgen.

Inmiddels staat echter wel vast dat bij de presidentiële voorverkiezing van 5 februari 2008 in tenminste 5 van de 21 kiesdistricten van New Jersey beslist iets mis geweest is met de Sequoia 'Advantage' stemcomputers. De zaak kwam reeds in februari aan het rollen toen medewerkers van de stembureaus constateerden dat de optelsommen op de uitslagtapes soms niet klopten: de Republikeinse kandidaat had dan 1 stem meer dan het aantal Republikeinse kiezers terwijl bij de Democratische kandidaat precies het omgekeerde het geval bleek. Sequoia kwam op 4 maart 2008 met een memo op de proppen waarin omslachtig betoogd werd dat de discrepantie het gevolg van een bedieningsfoutje door een stembureaumedewerker zou zijn, in combinatie met de slordigheid van een kiezer.

Een bijzondere samenloop van omstandigheden natuurlijk, ook al had deze zich bij maar liefst 60 stemcomputers voorgedaan. Sequioa benadrukte omstandig dat het totale aantal kiezers zoals weergegeven op de uitslagtape in ieder geval zou kloppen. De uitslagtapes lijken echter een ander verhaal te vertellen. Bij de eerste 9 gepubliceerde tapes had de theorie van Sequioa misschien nog stand kunnen houden. Helaas, deze maand zijn er ook uitslagtapes boven water gekomen waar zelfs het totaal aantal stemmen voor beide partijen bij elkaar opgeteld niet overeen komt met het ook op de tape vermelde totaal aantal op de machine uitgebrachte stemmen. Dat betekent dat de hypothese van Sequioa op zijn minst onvolledig is, want er bestaat vooralsnog geen enkele verklaring voor het feit dat er meer stemmen uitgebracht zijn dan er kiezers gestemd hebben. Dat zoiets kan gebeuren, bedieningsfout of niet, bewijst dat dit type stemcomputer hoe dan ook niet betrouwbaar is. Het feit dat het kennelijk mogelijk is dat kiezers hun stem kunnen uitbrengen op de andere partij zonder dat zelf in de gaten te hebben is bovendien zeer zorgwekkend.

Alabama: Siegelman case

Het zuiden van de Verenigde Staten heeft lekker eten en een bijzondere politieke cultuur waarbij bepaalde zaken minder verhuld worden dan elders gebruikelijk is. We hebben het in een veel eerdere nieuwsbrief al eens over interessante voorvallen in Kentucky gehad, nu is Alabama aan de beurt.

Op een mooie novembernacht in 2002 verloor gouverneur Don Siegelman de nieuwe gouverneursverkiezingen van Alabama met een piepkleine marge: 3000 stemmen. Ofschoon Siegelman aanvankelijk als winnaar uit de verkiezingen tevoorschijn kwam leidde een hertelling in een kiesdistrict waar alle leden van de kiescommissie lid van de Republikeinse partij waren tot de overwinning voor de Republikeinse kandidaat die er plots duizenden stemmen bij had gekregen. De hertelling vond 's nachts plaats toen alle waarnemers, en zeker die van de Democratische partij, al thuis op één oor lagen. Dit terwijl de wet stelt dat telling nooit in afwezigheid van de waarnemers plaats mag vinden. De Democraten eisten terstond 'hertelling in aanwezigheid van waarnemers'. Zo'n 6000 stemmen die eerst aan Siegelman toebehoorden bleken immers van zijn stemmentotaal verdwenen of plots aan de Republikeinse kandidaat toebedeeld te zijn. Procureur-generaal William H. Pryor Jr, zelf een Republikein, verwierp echter het verzoek om hertelling. Pryor Jr. werd later door persoonlijk ingrijpen van president Bush tot federale rechter gepromoveerd.

In 2002 was ene Dan Gans ingehuurd om "Electronic Ballot Security" voor Alabama veilig te stellen. Dat inhuren gebeurde door niemand minder dan de rechterhand van Bush' spindoctor Karl Rove: de roemruchte Republikeinse lobbyist Jack Abramoff. Abramoff is in 2007 veroordeeld en zal de komende jaren achter slot en grendel doorbrengen omdat zijn naam intiem verbonden is aan één van de grootste politieke corruptieschandalen uit de Amerikaanse geschiedenis.

In juni 2007 klapte een Republikeinse advocate uit de school dat ze Rove 5 jaar geleden had horen zeggen dat de populaire Siegelman 'politiek geneutraliseerd' zou worden via een 'onderzoek' van het DoJ. Siegelman werd inderdaad in 2004 door een rechtbank voor corruptie aangeklaagd en in 2006 tot 7 jaar gevangenisstraf veroordeeld. Door ingrijpen van parlementsleden, die medio 2007 onderzoek eisten naar de zwaar politiek getinte 'neutralisaties' van procureur-generaal Alberto Gonzalez, is Siegelman sinds kort weer op vrije voeten.

Het is lastig om je aan de indruk te onttrekken dat het ministerie van justitie een Republikeinse partijpolitieke agenda heeft wat betreft verkiezingen in het algemeen en stemcomputers in het bijzonder.

Maryland: Stemcomputers weg want te duur

Stemcomputerfabrikanten roepen graag dat hun stemcomputers zo voordelig zijn en zelfs geld besparen. Toen alle staten door de Help America Vote Act (HAVA) gedwongen werden stemcomputers aan te schaffen besloot de actiegroep 'Save our Votes' in Maryland nauwkeurig te onderzoeken of de 19.000 stemcomputers inderdaad geld zouden kunnen besparen. De uitkomst van het onderzoek presenteerden ze in het rapport 'Cost Analysis of Maryland’s Electronic Voting System'.

De kosten van aanschaf en onderhoud van stemcomputers bleken exorbitant veel hoger uit te pakken dan voorzien. De kosten voor de kiesdistricten zijn dan ook omhoog geschoten, zelfs nu de staat de helft van de stemcomputerkosten voor zijn rekening neemt. In Maryland gebruikten 19 van de 24 districten alleen optische scanmachines. Door de kosten in deze districten te vergelijken met de kosten na aanschaf van stemcomputers kon bepaald worden hoeveel de kosten zouden dalen of stijgen. De kosten per kiezer bleken hier gemiddeld 179 procent te zijn gestegen. In minstens een district bleken de kosten per kiezer met 866 procent gestegen te zijn, de totale kosten stegen daar van 22.000 dollar in 2001 naar 266.000 dollar in 2007.

Maryland, ook niet gek, heeft daarom besloten om rond 2010 over te stappen op een goedkoper stemsysteem dat hertelling niet in de weg zou staan: optische scanners die met de hand ingevulde (of door een machine geprinte) stembiljetten kunnen tellen. Op deze manier wordt het aantal stemcomputers met 80% verminderd en wordt circa 6 miljoen dollar per jaar op de bedrijfslasten bespaard. Het valt te hopen dat ook andere staten het voorbeeld van Maryland zullen navolgen om wat zorgvuldiger om te gaan met het geld (en de stem) van de belastingbetaler.

Witte Huis blokkeert transparante verkiezingen

Begin april heeft het House Committee on Administration voorstel H.R. 5036 aangenomen. H.R. 5036, the Emergency Assistance for Secure Elections Act of 2008, moet beschouwd worden als een vervanging voor H.R. 811, het voorstel uit mei 2007 waarin alle 3066 kiesdistricten verplicht zouden worden stemmachines met papertrail te gebruiken. Papertrail is, als tenminste de papieren afdrukken ook geteld worden, natuurlijk beter dan een DRE stemcomputer, ofschoon nog altijd duurder dan papier en potlood. Met H.R. 811 zou echter tegelijk de deur open gezet worden voor federale inmenging in de verkiezingen, een punt wat bij de staten nogal gevoelig ligt. De staten zouden de verkiezingsuitkomst namelijk niet meer mogen vaststellen voordat een externe waarnemer bepaald heeft dat elke discrepantie naar bevrediging is opgelost, zelfs als de afwijking niet de verkiezingsuitslag had kunnen veranderen. Daarmee ontstaat de mogelijkheid dat bij twijfel over de uitslag niet de staten maar de leden van het Huis van Afgevaardigden de uitslag vaststellen. Daarom heeft de nationale vereniging van (kies)districten (Naco) er bij het Huis van Afgevaardigden met succes op aangedrongen om H.R. 811 niet te bekrachtigen.

Toch moest er, om te voorkomen dat de verkiezingen van 2008 Florida-achtige taferelen zou opleveren, wat gebeuren.

Voorstel H.R. 5036 is minder ingrijpend dan H.R. 811 en bedoeld als korte termijn oplossing voor de verkiezingen van 2008. Met H.R. 5036 wordt de kiesdistricten financieel compensatie aangeboden (in totaal zou 630 miljoen dollar beschikbaar gesteld worden) voor overstappen op papertrail stemcomputers en de staten tevens de mogelijkheid geboden om toch hun oude stemcomputers te blijven gebruiken. H.R. 5036 voorziet ook in restitutie voor staten die er voor kiezen om audits en/of de telling toch handmatig te doen, de staten zouden geld kunnen krijgen voor exit-polls. Het Huis van Afgevaardigden wilde het voorstel op korte termijn behandelen zodat er nog genoeg tijd zou zijn voor de voorbereiding van de verkiezingen van 2008. Ook het Brennan Center for Justice heeft aangedrongen op bekrachtiging van H.R. 5036. Het voorstel was geplaatst op de 'suspension' agenda, wat betekent dat er een tweederde meerderheid in het Huis van Afgevaardigden nodig zou zijn om het voorstel aan te nemen. De Democraten en Republikeinen hadden begin april overeenstemming bereikt en algemeen verwacht werd dat het voorstel op 15 april zou worden aangenomen.

Te elfder ure gooide het Witte Huis echter roet in het eten. De regering Bush is namelijk fel tegen H.R. 5036 en drong er bij de afgevaardigden op aan om hoe dan ook tegen het voorstel te stemmen. Die actie zal niemand verwonderen want als H.R. 5036 reeds in 2000 aangenomen was, zou er vermoedelijk niet eens een regering Bush geweest zijn; dan hadden we in 2000 een regering Gore gehad, en in 2004 kabinet Gore II. En daarmee had de verovering van het Midden-Oosten wat minder hoog op de agenda gestaan.

Op 15 april heeft de regering Bush samen met de Republikeinse partij voorstel H.R. 5036 getorpedeerd. Rush Holt (Democraat en afgevaardigde van New Jersey) uitte scherpe kritiek op deze Republikeinse actie omdat door het blokkeren van het voorstel de laatste kans op transparante verkiezingen in 2008 is verkeken. Voorstel H.R. 5036 was een grote stap voorwaarts die de nauwkeurigheid, integriteit en veiligheid van het verkiezingsproces had kunnen bevorderen en nu liggen eind van het jaar de bananenrepubliektaferelen weer op de loer. H.R. 5036 had er voor kunnen zorgen dat de staten de middelen zouden hebben om de kiezer te beschermen tegen de problemen die stemcomputers nu eenmaal veroorzaken. Geërgerd verzucht afgevaardigde Holt: 'de Verenigde Staten besteden miljarden dollars aan het bouwen van democratieën overzee, maar ons eigen Congress keert de werking van onze eigen democratie de rug toe.'

Daily Voting News

Wij proberen u zo goed als het gaat van de gebeurtenissen in de Verenigde Staten op de hoogte te houden. Voor wie meer wil weten kunnen we Daily Voting News van de organisatie Voters Unite aanraden. De dagelijkse nieuwsbrief bestaat meestal uit een kort samenvattinkje en een grote collectie links, allemaal samengesteld door nieuwsredacteur John Gideon. Te lezen via de website, maar aanmelden voor een versie via e-mail kan ook.


Bhutan: eerste verkiezingen, met stemcomputers

De wereld is een democratie rijker. Het bergkoninkrijkje Bhutan, 600.000 inwoners ingeklemd tussen tussen India en China, heeft de eerste verkiezingen gehouden. E.e.a. geschiedde met hulp van de VN en India en met Indiase stemcomputers.

U verwacht nu natuurlijk dat we op deze plaats iets lulligs over die stemcomputers zeggen, maar na het zien van de documentaire (de onderste link) zijn we eigenlijk alleen nog maar stil en gefascineerd door het land, de fantastische ingetogen nadenkende inwoners en het concept van Gross National Happiness.

Wij